De gemeenteraad
In het eerste jaar van de legislatuur dient er een nieuw meerjarenplan opgesteld te worden.
De meerjarenplanaanpassing BP2026 _2031-0 dient door de gemeenteraad in zijn geheel vastgesteld te worden. Hierbij dienen ook de kredieten van het volgende boekjaar vastgesteld te worden.
De gemeenteraad stelt eerst zijn deel van het meerjarenplan vast.
Ten slotte keurt de gemeenteraad het gedeelte goed dat door de raad voor maatschappelijk welzijn werd vastgesteld.
Sinds boekjaar 2020 bestaan er geen afzonderlijke beleidsrapporten meer voor de gemeente en het OCMW. De beleidsrapporten vormen nu één geïntegreerd geheel. Gemeente en OCMW delen dus hun beleidsdoelstellingen, al hebben ze hiervoor nog wel afzonderlijke kredieten. Het financiële evenwicht wordt enkel op het niveau van beide rechtspersonen samen beoordeeld. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moeten eerst hun deel van het beleidsrapport vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goedkeuren, waardoor het geïntegreerde beleidsrapport definitief is. De goedkeuring door de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Het meerjarenplan bestaat uit een strategische nota, een financiële nota, een toelichting en de documentatiebundel bij het meerjarenplan als bijlagen toegevoegd aan dit punt.
Het toestandsevenwicht: het geraamde beschikbaar budgettair resultaat moet per boekjaar groter of gelijk zijn aan nul.
Het structureel evenwicht: de geraamde autofinancieringsmarge moet in het laatste boekjaar van de periode van het meerjarenplan groter of gelijk zijn aan nul. Dit duidt aan dat het bestuur zijn netto lasten uit kapitaalsaflossingen van leningen en leasings kan dragen met het overschot uit de gewone werking (exploitatiesaldo).
| Jaar |
Beschikbaar budgettair resultaat |
Autofinancieringsmarge |
| 2026 |
€ 145.037 |
€ 408.846 |
| 2027 |
€ 73.442 |
€ 330.800 |
| 2028 |
€ 131.436 |
€ 296.578 |
| 2029 |
€ 97.373 |
€ 118.091 |
| 2030 |
€ 386.491 |
€ 671.613 |
| 2031 |
€ 261.148 |
€ 74.739 |
Volgende kredieten worden ter goedkeuring voorgelegd
|
|
2026 |
|
|
|
Uitgaven |
Ontvangsten |
| Kredieten Gemeente |
|
|
| Exploitatie |
€ 9.543.252 |
€ 11.253.176 |
| Investeringen |
€ 5.644.112 |
€ 1.906.798 |
| Financiering |
€ 843.216 |
€ 2.043.803 |
| Leningen en leasings |
€ 843.216 |
€ 2.017.540 |
| Toegestane leningen en betalingsuitstel |
€ 0.00 |
€ 26.263 |
| Kredieten OCMW |
|
|
| Exploitatie |
€ 1.705.286 |
€ 1.221.162 |
| Investeringen |
€ 108.811 |
€ 495.000 |
| Financiering |
€ 0.00 |
€ 0.00 |
| Toegestane leningen en betalingsuitstel |
€ 0.00 |
€ 0.00 |
Artikel 1.
De gemeenteraad stelt zijn deel van het meerjarenplan vast.
Artikel 2.
De gemeenteraad keurt het door de raad voor maatschappelijk welzijn vastgestelde gedeelte van het meerjarenplan goed.
Hierdoor wordt de meerjarenplanaanpassing BP2026 _2031-0 in haar geheel definitief vastgesteld.
| Jaar |
Beschikbaar budgettair resultaat |
Autofinancieringsmarge |
| 2026 |
€ 145.037 |
€ 408.846 |
| 2027 |
€ 73.442 |
€ 330.800 |
| 2028 |
€ 131.436 |
€ 296.578 |
| 2029 |
€ 97.373 |
€ 118.091 |
| 2030 |
€ 386.491 |
€ 671.613 |
| 2031 |
€ 261.148 |
€ 74.739 |
Artikel 3.
De gemeenteraad stelt de kredieten voor boekjaar 2026 vast.
|
|
2026 |
|
|
|
Uitgaven |
Ontvangsten |
| Kredieten Gemeente |
|
|
| Exploitatie |
€ 9.543.252 |
€ 11.253.176 |
| Investeringen |
€ 5.644.112 |
€ 1.906.798 |
| Financiering |
€ 843.216 |
€ 2.043.803 |
| Leningen en leasings |
€ 843.216 |
€ 2.017.540 |
| Toegestane leningen en betalingsuitstel |
€ 0.00 |
€ 26.263 |
| Kredieten OCMW |
|
|
| Exploitatie |
€ 1.705.286 |
€ 1.221.162 |
| Investeringen |
€ 108.811 |
€ 495.000 |
| Financiering |
€ 0.00 |
€ 0.00 |
| Toegestane leningen en betalingsuitstel |
€ 0.00 |
€ 0.00 |