Terug
Gepubliceerd op 26/11/2021

Besluit  OCMW-Raad

ma 25/10/2021 - 20:31

Aanpassingen rechtspositieregeling.

Aanwezig: Kris Swinnen, Voorzitter van de raad
Jo Roggen, Nadia Najem, Roland Strouven, Vast bureau
Ingrid Claes, Bart Vlayen, Germain Vandezande, Kevin Huybrechts, Rita Soetaerts, Stijn Doms, Danny Ruysen, Evelyne Fontaine, Tony Jacobs, Katrien Weckx, Marcel Andries, OCMW-raadsleden
Herman Stiers, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Chris Jamar, Vast bureau
Elke Allard, Bijzonder comité sociale dienst

De OCMW-raad

Juridische basis
  1. Het decreet lokaal bestuur, inzonderheid art. 186.
Voorgaande
  1. De gemeenteraadsbeslissing van 29 december 2008 houdende “Goedkeuring rechtspositieregeling".De gemeenteraadsbeslissing van 30 maart 2009 houdende “Rechtspositieregeling -aanpassing.”.
  2. De gemeenteraadsbeslissing van 28 december 2009 houdende “Rechtspositieregeling -aanpassing.”.
  3. De gemeenteraadsbeslissing van 31 mei 2010 houdende “Rechtspositieregeling : aanpassing periodes overuren (art. 145§3)”.
  4. De gemeenteraadsbeslissing van 27 december 2010 houdende “Rechtspositieregeling: aanpassing.”De gemeenteraadsbeslissing van 28 maart 2011 houdende “Rechtspositieregeling : aanpassing.”.
  5. De gemeenteraadsbeslissing van 29 december 2011 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”.
  6. De gemeenteraadsbeslissing van 28 oktober 2013 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”.
  7. De gemeenteraadsbeslissing van 24 februari 2014 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”.
  8. De gemeenteraadsbeslissing van 29 december 2014 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”
  9. De gemeenteraadsbeslissing van 30 maart 2015 houdende “Afschaffing GESCO’s - Aanpassing rechtspositieregeling.”.
  10. De gemeenteraadsbeslissing van 25 april 2016 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”.
  11. De gemeenteraadsbeslissing van 28 november 2016 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”.
  12. De gemeenteraadsbeslissing van 24 april 2017 houdende “Rechtspositieregeling – aanpassing.”.
  13. De OCMW-raadsbeslissing van 28 oktober 2019 houdende “Aanpassing personeelsformatie.”.
  14. De OCMW-raadsbeslissing van 27 april 2020 houdende “Aanpassing rechtspositieregeling”.
  15. De OCMW-raadsbeslissing van 28 september 2020 houdende “Sectoraal akkoord 2020 – koopkrachtverhogende maatregelen - aanpassing rechtspositieregeling.
  16. De OCMW-raadsbeslissing van 29 maart 2021 houdende "VIA6 Deelakkoord – koopkrachtmaatregelen publieke sector – aanpassing RPR."
  17. De OCMW-raadsbeslissing van 29 maart 2021 houdende"Aanpassing rechtspositieregeling - selectieprocedure.".
  18. Het protocol van het syndicaal comité van 6 oktober 2021.
Probleemstelling

De rechtspositieregeling moet aangepast worden aan de wijzigingen van het rouwverlof en aan de gewijzigde personeelsformatie.

Motivering

Het rouwverlof is sinds 25 juli 2021 verlengd tot 10 dagen bij het overlijden van partner of kinderen daarom moet artikel 189 aangepast worden.

Omwille van de gewijzigde personeelsformatie moeten BIJLAGE II. SPECIFIEKE AANWERVINGS- EN BEVORDERINGSVOORWAARDEN en BIJLAGE III. WEDDESCHALEN. aangepast worden.

Artikel 1.

Volgende wijzigingen aan de rechtspositieregeling aan te brengen:

TITEL VIII – OMSTANDIGHEIDSVERLOF

Artikel 189

Het personeelslid krijgt omstandigheidsverlof naar aanleiding van de volgende gebeurtenissen:

huwelijk van het personeelslid of het afleggen van een verklaring van wettelijke samenwoning door het personeelslid, vermeld in artikel 1475 tot en met 1479 van het Burgerlijk Wetboek, met uitzondering van het afleggen van een verklaring van samenwoning van bloed- of aanverwanten:

4 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen voor of na het burgerlijk huwelijk

 

bevalling van de echtgenote of samenwonende partner, of ter gelegenheid van de geboorte van een kind dat wettelijk afstamt van de werknemer:

Statutair:

10 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 30 kalenderdagen na de geboorte.

Contractueel:

10 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 4 maanden na de geboorte.

De eerste 3 werkdagen vallen ten laste van het bestuur, de resterende 7 werkdagen zijn ten laste van het ziekenfonds.

overlijden van de samenwonende of huwelijkspartner, een bloed- of aanverwant in de eerste graad van het personeelslid, of van de samenwonende of huwelijkspartner:

4 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen na overlijden

huwelijk van een kind van het personeelslid, van de samenwonende of huwelijkspartner:

2 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen voor of na het burgerlijk huwelijk

overlijden van een bloed- of aanverwant van het personeelslid of de samenwonende partner in om het even welke graad, die onder hetzelfde dak woont als het personeelslid of de samenwonende partner:

2 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen na overlijden

overlijden van een bloed- of aanverwant van het personeelslid of de samenwonende partner in de tweede graad, een overgrootouder of een achterkleinkind, niet onder hetzelfde dak wonend als het personeelslid of de samenwonende partner:

Een werkdag te nemen binnen een termijn van 7 kalenderdagen.

huwelijk van een bloed- of aanverwant:

in de eerste graad, die geen kind is;

in de tweede graad, van het personeelslid, de samenwonende of huwelijkspartner:

de dag van het burgerlijk huwelijk

Vervangen door

Artikel 189

Het personeelslid krijgt omstandigheidsverlof naar aanleiding van de volgende gebeurtenissen:

huwelijk van het personeelslid of het afleggen van een verklaring van wettelijke samenwoning door het personeelslid, vermeld in artikel 1475 tot en met 1479 van het Burgerlijk Wetboek, met uitzondering van het afleggen van een verklaring van samenwoning van bloed- of aanverwanten:

4 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen voor of na het burgerlijk huwelijk

 

bevalling van de echtgenote of samenwonende partner, of ter gelegenheid van de geboorte van een kind dat wettelijk afstamt van de werknemer:

Statutair:

10 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 30 kalenderdagen na de geboorte.

Contractueel:

10 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 4 maanden na de geboorte.

De eerste 3 werkdagen vallen ten laste van het bestuur, de resterende 7 werkdagen zijn ten laste van het ziekenfonds.

overlijden van een aanverwant in de eerste graad van het personeelslid, of van de samenwonende of huwelijkspartner:

4 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen na overlijden

overlijden van echtgeno(o)t(e), samenwonende partner, kind of pleegkind bij langdurige pleegzorg

10 werkdegen. 3 werkdagen moeten worden opgenomen tussen het overlijden en de begrafenis van de overleden persoon en de andere zeven werkdagen binnen het jaar na de dag van het overlijden. Hier kan van worden afgeweken mits akkoord van het hoofd van het personeel.

Bij het overlijden van de pleegouder(s) in het kader van langdurige pleegzorg op het moment van overlijden is er een recht op drie werkdagen die kunnen worden opgenomen tijdens de periode die begint op de dag van het overlijden en die eindigt op de dag van de begrafenis (afwijkingen hierop zijn mogelijk, mits akkoord van het hoofd van het personeel).

De dagen rouwverlof zijn betaalde afwezigheidsdagen omstandigheidsverlof

huwelijk van een kind van het personeelslid, van de samenwonende of huwelijkspartner:

2 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen voor of na het burgerlijk huwelijk

overlijden van een bloed- of aanverwant van het personeelslid of de samenwonende partner in om het even welke graad, die onder hetzelfde dak woont als het personeelslid of de samenwonende partner:

2 werkdagen, op te nemen binnen een termijn van 14 kalenderdagen na overlijden

overlijden van een bloed- of aanverwant van het personeelslid of de samenwonende partner in de tweede graad, een overgrootouder of een achterkleinkind, niet onder hetzelfde dak wonend als het personeelslid of de samenwonende partner:

Een werkdag te nemen binnen een termijn van 7 kalenderdagen.

huwelijk van een bloed- of aanverwant:

in de eerste graad, die geen kind is;

in de tweede graad, van het personeelslid, de samenwonende of huwelijkspartner:

de dag van het burgerlijk huwelijk

BIJLAGE II. SPECIFIEKE AANWERVINGS- EN BEVORDERINGSVOORWAARDEN

Schrappen:

Functiebenaming   : OCMW- secretaris

Functiewaardering    : OCMW- secretaris – klasse 1 tot 6.000 inwoners.

Invoegen:

Functiebenaming : Hoofdmaatschappelijk assistent

Functiewaardering : B4-B5

Formele vereisten bij werving en bevordering.

  • Diploma’s:
  • Minstens houder zijn van een diploma bachelor in het sociaal-agogisch werk met de titel van maatschappelijk assistent, bachelor in de verpleegkunde, afstudeerrichting sociale verpleegkunde of een daarmee gelijkgesteld diploma.
  • Andere:
  • In het bezit zijn van een rijbewijs B.
  • Het vast bureau kan bij de vacantverklaring de bevorderings- en aanwervingsvoorwaarden verder specifiëren.

BIJLAGE III. Weddeschalen.


salaris-schalen

B1

B2

B3

Minimum

17.300

18.850

19.550

Maximum

23.350

26.450

29.150

Verhoging

1x1x500

1x1x600

1x1x800

 

5x2x500

1x2x650

1x2x750

 

1x2x450

2x2x600

6x2x800

 

4x2x500

1x2x650

1x2x750

 

1x2x600

1x2x600

2x2x800

 

 

1x2x650

1x2x900

 

 

2x2x600

 

 

 

1x2x650

 

 

 

1x2x600

 

 

 

1x2x800

 

 

 

 

 

0

17.300

18.850

19.550

1

17.800

19.450

20.350

2

17.800

19.450

20.350

3

18.300

20.100

21.100

4

18.300

20.100

21.100

5

18.800

20.700

21.900

6

18.800

20.700

21.900

7

19.300

21.300

22.700

8

19.300

21.300

22.700

9

19.800

21.950

23.500

10

19.800

21.950

23.500

11

20.300

22.550

24.300

12

20.300

22.550

24.300

13

20.750

23.200

25.100

14

20.750

23.200

25.100

15

21.250

23.800

25.900

16

21.250

23.800

25.900

17

21.750

24.400

26.650

18

21.750

24.400

26.650

19

22.250

25.050

27.450

20

22.250

25.050

27.450

21

22.750

25.650

28.250

22

22.750

25.650

28.250

23

23.350

26.450

29.150

 Vervangen door

Salarisschalen

B1

B2

B3

B4

B5

Minimum

Maximum

17.300

23.350

18.850

26.450

19.550

29.150

19.950

29.750

21.400

32.500

Verhoging

1x1x500

5x2x500

1x2x450

4x2x500

1x2x600

1x1x600

1x2x650

2x2x600

1x2x650

1x2x600

1x2x650

2x2x600

1x2x650

1x2x600

1x2x800

1x1x800

1x2x750

6x2x800

1x2x750

2x2x800

1x2x900

1x1x800

1x2x850

1x2x800

1x2x850

2x2x800

1x2x850

2x2x800

1x2x850

2x2x800

1x1x900

1x2x950

2x2x900

1x2x950

2x2x900

1x2x950

2x2x900

1x2x950

1x2x1000

0

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

21

22

23

17.300

17.800

17.800

18.300

18.300

18.800

18.800

19.300

19.300

19.800

19.800

20.300

20.300

20.750

20.750

21.250

21.250

21.750

21.750

22.250

22.250

22.750

22.750

23.350

18.850

19.450

19.450

20.100

20.100

20.700

20.700

21.300

21.300

21.950

21.950

22.550

22.550

23.200

23.200

23.800

23.800

24.400

24.400

25.050

25.050

25.650

25.650

26.450

19.550

20.350

20.350

21.100

21.100

21.900

21.900

22.700

22.700

23.500

23.500

24.300

24.300

25.100

25.100

25.900

25.900

26.650

26.650

27.450

27.450

28.250

28.250

29.150

19.950

20.750

20.750

21.600

21.600

22.400

22.400

23.250

23.250

24.050

24.050

24.850

24.850

25.700

25.700

26.500

26.500

27.300

27.300

28.150

28.150

28.950

28.950

29.750

21.400

22.300

22.300

23.250

23.250

24.150

24.150

25.050

25.050

26.000

26.000

26.900

26.900

27.800

27.800

28.750

28.750

29.650

29.650

30.550

30.550

31.500

31.500

32.500

Artikel 2.

Deze beslissing via het digitaal loket te bezorgen aan het administratief toezicht.