Het college
Het betreft een aanvraag voor grondwaterwinning Bruinenveldweg.
De omgevingsvergunning wordt als bijlage gehecht aan deze beslissing.
Het college van burgemeester en schepenen geeft de vergunning onder voorwaarde af aan de aanvrager
De ingedeelde inrichting of activiteit omvat voortaan:
| Rubriek |
Omschrijving |
Hoeveelheid aangevraagd |
Hoeveelheid |
Klasse |
| 53.8.1°b) |
Een grondwaterwinning voor de irrigatie van fruitteelt met een maximaal debiet van 1.800 m3/jaar en een diepte van max. 43 m(Nieuw) |
1800 m³/jaar |
1800 m³/jaar |
2 |
De voorwaardelijke vergunning wordt afgegeven onder volgende voorwaarden en/of lasten:
ALGEMENE EN SECTORALE MILIEUVOORWAARDEN:
§1. Het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (Vlarem II, BS van 31 juli 1995; zoals gewijzigd) waarvan inzonderheid volgende bepalingen:
Algemene milieuvoorwaarden: Hoofdstuk 4.1, 4.2, 4.3, 4.4, 4.5, 4.6, 4.7, 4.8, 4.9, 4.10
Sectorale milieuvoorwaarden: Hoofdstuk 5.53
BIJZONDERE MILIEUVOORWAARDEN:
* De grondwaterinstallatie inclusief generator en pomp moeten voldoen aan de Vlarem II geluidsnormen ter hoogte van de dichtstbijzijnde woningen. Indien hier niet aan voldaan kan worden dient de exploitant te voorzien in de nodige geluidsisolatie of een ander type geluidsarme generator.
* Het grondwaterpeil in werking in de boorput van de grondwaterwinning wordt jaarlijks 1 keer gemeten. Hierbij wordt het volume genoteerd dat onttrokken werd gedurende drie uur voorafgaand aan de meting. Indien de grondwaterwinning minder dan drie uur in werking was wordt tevens de effectieve werkingsduur meegedeeld;
* Per jaar wordt 1 peilmeting in rust uitgevoerd in de boorput na het stilleggen van een grondwaterwinning gedurende ten minste 8 uur. De tijd van stilstand van de grondwaterwinning en de peilmetingen worden zorgvuldig genoteerd;
* De bovenstaande gegevens worden door de exploitant bijgehouden in een register, dat ter inzage wordt gehouden van de toezichthoudende ambtenaren;
* De resultaten van de opgelegde metingen (peilmetingen en/of analyses) moeten samen met de debietmetingen voor 15 maart van het volgende kalenderjaar overgemaakt worden aan de entiteit van VMM bevoegd voor grondwateradvisering via het Integraal Milieujaarverslag (IMJV).
Een beperking van de looptijd tot 10 jaar conform het advies van VMM met een einddatum tot 12 mei 2036.
Ter info dient er aan de aanvrager nog volgende te worden meegegeven: Voor degene met een eigen waterwinning of meer dan 500 m³ water per jaar verbruikt, betaalt een heffing op de waterverontreiniging. Indien er grote hoeveelheden (>500 m³/jaar) wordt opgepompt, is er nog een bijkomende heffing op de winning van grondwater. Grootverbruikers moeten elk jaar voor 15 maart een aangifte doen van hun waterverbruik. Voor meer informatie: https://www.vmm.be/water/heffingen en https://www.vmm.be/water/heffingen/doe-je-aangifte
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.