Terug
Gepubliceerd op 20/01/2026

Besluit  College

di 20/01/2026 - 16:00

Omgevingsvergunning voor grondwaterwinning baanstok (hulsbeekstraat), referentie omgevingsloket OMV_2023007564 - referentie gemeente OMV_2025_00057

Aanwezig: Jo Roggen, Burgemeester
Chris Jamar, Stijn Doms, Eva Prouvé, schepenen
Herman Stiers, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Danny Ruysen, Voorzitter bijzonder comité sociale dienst en schepen

Het college

Juridische basis
  1. Het decreet lokaal bestuur, inzonderheid art. 56.
  2. De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
  3. Het besluit van de Vlaamse regering houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne en latere wijzigingen (VLAREM II)
  4. Het omgevingsvergunningendecreet en uitvoeringsbesluit
Probleemstelling

Het betreft een aanvraag voor grondwaterwinning baanstok (hulsbeekstraat).

Motivering

De omgevingsvergunning wordt als bijlage gehecht aan deze beslissing.

Het college van burgemeester en schepenen geeft de vergunning onder voorwaarde af aan de aanvrager

 

De ingedeelde inrichting of activiteit omvat voortaan:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid aangevraagd

Hoeveelheidgecoordineerd en vergund

Klasse

53.8.1°b)

 grondwaterwinning met een diepte van max. 40 meter en een max. debiet van 5.000 m³/jaar en 85 m³/dag VERGUNNING (Nieuw) klasse 2

5000 m³/jaar

4626 m³/jaar

2

 

De voorwaardelijke vergunning wordt afgegeven onder volgende voorwaarden en/of lasten:

Stedenbouwkundige voorwaarden:

1. De voorliggende vergunning is slechts geldig zolang er een geldige vergunning voor de betreffende grondwaterwinning bij de gemeente gekend is. Van zodra er geen vergunning gekend is voor de grondwaterwinning, dient de container en eventueel bijhorende infrastructuur onmiddellijk verwijderd te worden.

2. De container dient op eigen terrein te worden ingeplant op minimaal 5 meter van het dichtstbijzijnde oeverhoofd van de Hulsbeek.

3. Er worden geen reliëfwijzigingen toegestaan.

 

Algemene en sectorale milieuvoorwaarden:

§1. Het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (Vlarem II, BS van 31 juli 1995; zoals gewijzigd) waarvan inzonderheid volgende bepalingen:

Algemene milieuvoorwaarden: Hoofdstuk 4.1, 4.2, 4.3, 4.4, 4.5, 4.6, 4.7, 4.8, 4.9, 4.10

Sectorale milieuvoorwaarden: Hoofdstuk, 5.53

 

Bijzonder milieuvoorwaarden:

* Elke winningsput moet uitgerust zijn met een peilbuis wanneer de put een diameter heeft van minder dan 600 mm en het water niet wordt opgepompt via een bovengrondse pomp. Op alle putten in dezelfde watervoerende laag moet er minstens 1 debietmeter met een aftapkraantje na de debietmeter geplaatst worden. De aanvrager wordt er op gewezen dat dit verplicht is conform Vlarem II art. 5.53.2.2 en 5.53.3.1.

* De gegevens van de debietmeting (type, serienummer en merk van de debietmeter) worden aan de gemeente Geetbets bezorgd. Het debiet wordt jaarlijks genoteerd in een register. De exploitant toont aan dat de debietmeter geplaatst is via milieu@geetbets.be.

* Het aanleveren van het putschema van de reeds geboorde boorput. Er dient tevens ook bewijs te worden aangeleverd met betrekking tot de diepte van de put. Dit dient te gebeuren 1 maand na het boren van de put. De exploitant brengt de gemeente op de hoogte wanneer de put wordt geboord via milieu@geetbets.be.

 

Een beperking van het aangevraagde debiet conform het advies van VMM. Het debiet wordt beperkt tot 4626 m³/jaar.

 

Een beperking voor de aangevraagde diepte conform het advies van VMM. De diepte van de winning wordt beperkt tot 37 m in het Onder-Oligoceen Aquifersysteem (HCOV A0450).

 

Een beperking van de looptijd tot 10 jaar conform de aanvraag en het advies van VMM.

 

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.