Het college
Het betreft een aanvraag voor de tussentijdse reductie van emissie.
De omgevingsvergunning wordt als bijlage gehecht aan deze beslissing.
Artikel 1.
Het college van burgemeester en schepenen neemt, overeenkomstig artikel 8 van het Stikstofdecreet, akte van de melding met betrekking tot de tussentijdse inspanning voor rundveehouderijen. De melding werd ingediend door de heer Luc Lemmens. De inrichting is gelegen Kasteellaan 14 te Geetbets en kadastraal bekend onder afdeling 1 sectie B nrs. 53H en 57E.
Artikel 2.
De melding resulteert in de volgende geactualiseerde vergunningssituatie op het vlak van de exploitatie van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten:
* Rubriek 19.6.2°a). Opslagplaatsen van hout (hout, houtschors, riet, vlas (houtachtig gedeelte), stro of soortgelijke producten). Hoeveelheid: opslag van 200 m³ stro in stal.
* Rubriek 6.5.1°. Brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen. Hoeveelheid: 1 verdeelslang.
* Rubriek 28.2.c)1°. Opslagplaats van dierlijke mest. Hoeveelheden: opslag van 250m³ mengmest-gier en opslag van 150 m³ vaste mest. Totaal 400 m³.
* Rubriek 9.4.3.c)1°. Inrichting waarin andere grote zoogdieren dan varkens of mestkalveren gefokt of gehouden worden. Hoeveelheden: plaatsen voor het houden van 200 runderen.
> 74 R-2 zoogkoeien ouder dan 2 jaar.
> 56 R-6 vleesstieren en overig vleesvee van 6 tot 24 maanden.
> 22 R-6 vleesstieren en overig vleesvee van 6 tot 24 maanden. Deze zullen volgens de PAS R-6.1b maatregel beweid worden in combinatie met leegstand in ingestrooide rundveestallen en dit gedurende 200 dagen.
> 48 R-3 vrouwelijk jongvee tot 2 jaar.
* Rubriek 53.8.1°a). Winning van grondwater waarvan alle putten een diepte hebben die kleiner is dan of gelijk aan het locatiespecifieke dieptecriterium. Hoeveelheid: 1.642 m³/jaar.
* Rubriek 15.1.1°. Al dan niet overdekte andere ruimte dan de ruimte, vermeld in rubriek 15.5 en 19.8, waarin autovoertuigen of aanhangwagens, die geen personenwagens zijn, gestald worden. Hoeveelheden: stallen van 20 landbouwvoertuigen.
* Rubriek 17.4. Opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l. Hoeveelheid: opslag van 50 l fytoproducten.
* Rubriek 17.3.2.1.1.1°b). Opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt >=55 °C. Hoeveelheid: opslag van 1400 l mazout, b.g., ingekuipt.
Artikel 3.
De plannen en het meldingsdossier waarop deze akte gebaseerd is, maken integraal deel uit van de meldingsakte.
Artikel 4.
Voorliggende melding geeft geen aanleiding tot het opleggen van bijkomende voorwaarden.
De algemene en sectorale milieuvoorwaarden zijn van toepassing.
De algemene en sectorale milieuvoorwaarden staan in Vlarem II, deze zijn evenwel louter indicatief. Bij wijziging van Vlarem II wordt de exploitant immers steeds geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven. De integrale en geconsolideerde tekst van Vlarem II is te raadplegen op de Milieunavigator via de link https://navigator.emis.vito.be
Deze melding stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.